|
Coniferen | |
|
1-2-3-4-5-6-7-8-9-10-11-12-13-14-15-16-17-18-19-20-21-22-23-24-25-26-27-28-29-30-31-32-33-34-35-36-37-38-39-40-41-42 -Volgende
»
|
|
Abies alba
(Pinaceae) Zilverden. Mooi als solitair.Fors groeiende boom. Groenbruine kegels.Herkomst is de bergen in centraal en midden Europa .De plant wordt hier veel gebruikt als onderstam voor alle andere Abies cultivars. In zon/halfschaduw, luchtige grond. Hoogte circa 15 meter of hoger.
|
|
|
Abies alba `Compacta`
(Pinaceae) Dwergvorm, bolvorm, meer breed dan hoog. Naalden groen onderkant grijs. Groei 2 tot 4 cm. per jaar. Gevonden in U.S.A. in 1987 door Parsons Nursery Flushing, N.Y. In zon/halfschaduw.
|
|
|
Abies alba `Fastigiata`
Zuilvorm . De naalden zijn korter en dunner dan bij de soort .
Takken sterk opgericht .Gevonden in Frankrijk in de bossen van Grande Chartreuse en in de handel gebracht door Seneclauze in 1846 . Dus al een oude cultivar .
|
|
|
Abies alba `Green Spiral`
(Pinaceae) Zilverspar. Gedraaide stam. Het is een semi treurvorm met kronkelige takken. Mooi als solitair. Herkomst is het Secrest Arboretum, Wooster, Ohio , U.S.A. In zon-halfschaduw. Hoogte tot 10 meter.
|
|
|
Abies alba `HB-Kroc`
(Pinaceae) Dwergvorm met een afgeplatte groeiwijze.
Jaarlijkse groei ong. 5 cm.
|
|
|
|
Abies alba `Pendula`
(Pinaceae) Een treurvorm van de Europese Zilverspar. Indien opgebonden een slanke treurvorm. Gevonden in 1835 bij kwekerij Godefroy in Ville D'Avray, Frankrijk. Een groot exemplaar bevindt zich in de botanische tuin van St. Gallen, Zwitserland.
|
|
|
Abies alba `Pyramidalis`
(Pinaceae) Semi-dwerg, pyramidaal, bijna zuilvormig. Hoogte 100 x breedte 40 cm. Schitterende donkergroene naalden. Prima solitairplant. Een van de meest attractieve 'fastigiata' naaldconiferen. Is in 1851 gevonden in UK.
|
|
|
Abies alba `Schwarzwald`
(Pinaceae) Ontstaan als heksenbezem. Echte dwerg. Breder dan hoog, 40 cm. x 30 cm. Glanzend iets gekromde naalden. Gevonden in Badeweiler,Schwarzwald door Horstmann.
|
|
|
Abies amabilis
(Pinaceae) Inheems in de bergen van Zuidoost-Alaska tot Vancouver Island, Oregon en Washington. Traaggroeiende naaldboom met een kegelvormige kroon, schors is lichtgrijs. Naalden donkergroen, geuren naar sinaasappels wanneer men deze kneust. Donkerpaarse kegels, 10-14 cm. lang.
|
|
|
Abies amabilis `Spreading Star`
(Pinaceae) Zilverspar. Breed spreidend groeiend.Donker groene naalden. In zon/halfschaduw, voedzame grond. Hoogte tot 1.5 meter. Is gevonden in Pinetum Blijdenstein.
|
|
|
Abies balsamea
Opgaande vorm uit U.S.A. en Canada. Hoogte tot 15 meter.
|
|
|
Abies balsamea `Densa`
(Pinaceae) Bolronde dwergvorm. Donkergroene naalden. Ook geschikt voor de kleinere rotstuin.
|
|
|
Abies balsamea `Le Feber`
(Pinaceae) Is in 1993 gevonden op de kwekerij van Le Feber in Boskoop en door Koemans in de handel gebracht. Zeer compacte dwergvorm. Groeit circa 2-3 cm. per jaar.
|
|
|
Abies balsamea `Nana`
(Pinaceae) Gevonden door Nelson in Canada in het jaar 1866. Bolvormige dwergvorm. Geschikt voor de rotstuin. Hoogte circa 40 cm.
|
|
|
Abies balsamea `Piccolo`
(Pinaceae) Geïntroduceerd door B. Carstens, Duitsland, in ± 1982. Miniatuur, kogelvormig groeiend. Hoogte 30 cm. x breedte 30 cm. Korte dichtgerangschikte twijgen. Donkergroene naalden, roodbruine knoppen. Zonnige standplaats op een vochthoudende grond. Geschikt voor de heide-, rots- en miniatuurtuin, alsook voor bonsai.
|
|
|
Abies balsamea `Variegata`
(Pinaceae) Wit achtig bonte vorm die in de winter goed te zien is. Is in 1855 gevonden door Carriere in 1855 in Frankrijk.
|
|
|
Abies balsamea hudsonia
(Pinaceae) Herkomst White Mountains van New Hampshire, USA. Langzaam groeiende dwergvorm. Bijna kogelrond groeiend. Donkere glanzende naalden. Vooral aantrekkelijk door het nieuwe groeischot in de vroege zomer. Zon/halfschaduw. Na 10 jaar 30 cm. hoog x 45 cm. breed.
|
|
|
Abies balsamea var. phanerolepis
(Pinaceae) Een losse opgaande vorm die in 1909 is beschreven doo Fernald. Abies balsamaea en Abies fraseri zijn in Canada gehybridizeerd.
Daardoor een zeer winterharde selectie.
|
|
|
|
Abies borisii-regis
(Pinaceae) Komt onder andere voor in de bergen in Bulgarije en in Griekenland. Genoemd naar Koning Boris van Bulgarije. Volgens Farjon is het geen kruising tussen Abies alba en Abies cephalonica. Is in 1925 beschreven door Mattfeld. Het is een hoog opgaande boom. Jong schot lichtgeel.
|
|
|
Abies borisii-regis `Pendula`
(Pinaceae) Een opgaande losse groeier met grilllige afhangende takken. Maar moet wel worden opgebonden om het beoogde effect te krijgen. Donker groene naalden met een uigesproken zilveren onderkant. Jaarlijkse groei is ong. 25 cm
|
|
|
Abies bornmuelleriana
Misschien een natuurlijke hybride tussen Abies cephalonica en een Abies. nordmanniana, deze grote boom is dicht-vertakt, en heeft opwaarts gerichte naalden met een heerlijke geur. Trage groeier.Herk.is het Aziatisch gedeelte van Turkije en ten oosten van de Zwarte zee, in zone 6 tot 8. Is hier zeldzaam in omloop.
|
|
|
Abies bornmuelleriana `Barney`
(Pinaceae) Deze cultivar is veranderd van naam door de vinder en is hetzelfde als A. b. 'Franke' Dus kijk daar voor beschrijving.
|
|
|
Abies bornmuelleriana `Franke`
(Pinaceae) Een dwergvorm met een vlak ronde groeiwijze. In 10 jaar 35 x 100 cm. Groene naalden en grote bruine knoppen. Gevonden door Ken Franke in Oregon.
|
|
|
|
Abies bracteata
(Pinaceae) Zilverspar. Heeft gestekelde kegels. Scherpe prikkende naalden. Wordt gebruikt voor houtproductie. Zon-halfschaduw, voedzame grond. Herkomst is California en is hier winterhard. Hoogte tot 20 meter..
|
|
|
Abies cephalonica
(Pinaceae) Inheems in de bergen van Griekenland, hoofdzakelijk in de Peloponnesos en het Eiland Kefallinia, bij hoogten van 900-1700 meter. Een middelhoge, breed pyramidale boom met glanzende, donkergroene naalden. Grijsbruine, afschilferende schors. Kegels bruinachtig-rood, 10-20 cm. lang. Tolereert een droge en warme standplaats.
|
|
|
Abies cephalonica `Barabits Gold`
Een platte compacte struik die in de winter opvallend geel verkleurd.Heeft scherpe naalden. Is ontstaan op de kwekerij van Barabits in Hongarije.
|
|
| | |